dr. Hamerlinck, praktijk voor de donkere huid, dermatoloog, veneroloog

Etnische dermatologie
Huidziekten
Cultuur
Geslachtsziekten
Allergie
Proefschrift

Dr. Hamerlinck Foundation
dr. F.F.V. Hamerlinck, praktijk voor de donkere huid, dermatoloog, veneroloog
dr. Hamerlinck, praktijk voor de donkere huid, dermatoloog
Dr. F.F.V. Hamerlinck, dermatoloog, veneroloog
dr. Hamerlinck, praktijk voor de donkere huid
Geslachtsziekten
Presentatie
over geslachtsziekten (Powerpoint nodig of
Download de Powerpointviewer)
SEKSUEEL RISICOGEDRAG, INTERNET EN MOGELIJKHEDEN TOT PREVENTIE
Internet maakt informatie toegankelijk voor een breed publiek en met een paar drukken op de knop is wereldwijd specifieke informatie beschikbaar. Ook op het gebied van seks is op internet veel te vinden. De zoekterm ‘seks’ in Google levert ruim 4 miljoen hits op. Van informatiesites tot commerciële sites, van chatsites tot datingsites voor het ontmoeten van (seks)partners. Internet wordt dan ook in toenemende mate gebruikt voor het zoeken van sekspartners, zo blijkt uit verschillende studies.
Jongeren die online een sekspartner zoeken vertonen ander seksgedrag dan hun leeftijdgenoten die geen sekspartner online zoeken. Zij hebben meer sekspartners, zijn eerder aan hun seksuele carrière begonnen, rapporteren meer partners en hebben vaker een soa gehad. Daarnaast wordt vaker anale seks gerapporteerd. Het lijkt er dus op dat jongeren met meer behoefte aan seks het internet gebruiken om sekspartners te vinden. Het condoomgebruik onder jongeren die sekspartners zoeken via internet ligt iets hoger dan bij jongeren die dat niet doen. Zij hebben zich vaker op hiv en soa laten onderzoeken.
Internet is door het grote bereik en de toegankelijkheid van het medium bij uitstek geschikt voor het aanbieden van op maat gesneden informatie over soa en hiv. Het internet wordt dan ook veelvuldig gebruikt voor het plaatsen van informatie over soa, hiv en veilig vrijen. De bezoekersaantallen van hiervoor opgezette sites geven aanleiding om te veronderstellen dat voorzien wordt in een informatiebehoefte. Naast algemene preventie biedt internet echter ook mogelijkheden om specifieke (sub)doelgroepen te voorzien van meer specifieke informatie; een site gericht op mensen met hiv is daar een mooi voorbeeld van. Wat internet bijzonder maakt is dat het een interactief medium is. Hiervan wordt op beperkte schaal gebruik gemaakt, door enkele internetinterventies die op maat adviseren en soms zelfs de mogelijkheid bieden tot online testen (bijvoorbeeld www.syfilistest.nl, www.soatest.nl).

Over het bereik en de effectiviteit van deze internetinterventies is meestal maar weinig bekend. Innovatieve toepassingen van internet voor de preventie van soa en hiv zijn nog schaars, maar wel sterk in opkomst. Een innovatief voorbeeld is een site voor online partnerwaarschuwing (www.inspot.org). Naast deze al beschikbare sites is nog een aantal interventies in ontwikkeling, die elders in dit tijdschrift worden beschreven. Uit de verschillende studies komt naar voren dat een meerderheid van de mensen online preventie op prijs stelt. Bovendien blijkt dat zij, die internet gebruiken om sekspartners te vinden, ook met grotere waarschijnlijkheid dan andere groepen internet gebruiken om informatie over soa te vinden. Naast behoefte aan actuele online informatie over veilig vrijen is er behoefte aan het online kunnen stellen van vragen; door jongeren wordt de behoefte aan een discussieforum genoemd. Deelname van preventiewerkers in chatrooms wordt ook als mogelijkheid aangegeven door een meerderheid van mannen die seks hebben met mannen.

Het internetgebruik is de laatste jaren explosief gestegen en internet vormt voor veel mensen 1 van de belangrijkste bronnen van informatie. Veel mensen gebruiken internet om informatie over gezondheid op te zoeken. Aan de hand van enkele onderzoeken hebben we in dit artikel laten zien dat internet daarnaast door verschillende doelgroepen ook gebruikt wordt door het zoeken van sekspartners. Hoewel vooral (blanke) mannen die seks hebben met mannen internet als “Matchmaker” hebben ontdekt, lijkt er op dit gebied sprake te zijn van een ‘emancipatie’ van andere groepen. Vooral onder jongeren is een toename zichtbaar van het gebruik van internet voor het zoeken van sekspartners, en met succes. Hetzelfde geldt voor bepaalde etnische groepen. Onder mannen die seks hebben met mannen worden tevens aanwijzingen gevonden voor serosorting via internet, waarbij veelvuldig risicogedrag wordt gerapporteerd door hiv-positieven met andere positieven.

Mensen die online sekspartners zoeken hebben een hoger seksueel risicogedrag; zij hebben meer wisselende sekscontacten, hebben vaker een soa gehad en rapporteren meer (onbeschermde) risicohandelingen. Doordat internet in toenemende mate door verschillende risicogroepen wordt gebruikt om sekspartners te vinden, worden deze risicogroepen zichtbaar en kan daarop worden aangesloten met gerichte preventie. Er worden geen aanwijzingen gevonden dat internet tot hoger risicogedrag leidt. Het gaat om mensen die internet gebruiken als instrument om te voorzien in hun seksuele behoefte aan sekspartners. Op deze zoektocht naar gebruik van internet kwamen we nog relatief weinig informatie tegen over de rol daarvan bij preventie. Er zijn slechts enkele wetenschappelijk onderbouwde internetinterventies, die gebruik maken van de interactieve mogelijkheden van internet en die gedragsverandering online stimuleren. Geleidelijk lijkt dat steeds meer op gang te komen, zoals ook blijkt uit de overige bijdragen in dit internetnummer. Met het grote bereik van internet is hier echter zeker nog aanwinst te boeken. Uit de onderzoeken blijkt een grote behoefte aan online informatie en preventie. Online discussieforums, deelname van hulpverleners in chatrooms en de mogelijkheid om via e-mail vragen te stellen zijn mogelijkheden die in enkele onderzoeken worden genoemd. Uit de verschillende studies komt een aantal gemeenschappelijke conclusies naar voren, hoewel de onderzoekspopulaties sterk verschillen qua samenstelling en methode van werving. In sommige studies wordt online geworven in chatrooms, in andere wordt aan bezoekers van een soa-poli gevraagd naar hun ervaringen met internet. Het betrekkelijke weinige onderzoek dat in Nederland is gedaan naar online sekszoekgedrag is beperkt tot mannen die seks hebben met mannen. Ondanks de verschillen in opzet en sampling van die studies, wijzen de resultaten van de diverse onderzoeken wel allemaal in dezelfde richting. Hoogrisicogroepen zijn online te vinden, maar er gebeurt nog betrekkelijk weinig qua online preventie om deze groepen gericht van informatie te voorzien. De kansen die internet biedt voor interactie en gedragsverandering blijven vooralsnog onderbenut en bieden een uitdaging voor de toekomst.


Samenvatting van het artikel
SEKSUEEL RISICOGEDRAG, INTERNET EN MOGELIJKHEDEN TOT PREVENTIE

Auteurs
Daniel van Schaik: Beleidsmedewerker Programma Intermediairs Soa Aids Nederland
Kees Rietmeijer: Hoofd soa/hiv-polikliniek Denver, VS
Tijdschrift: SOA AIDS magazine, Jaargang 3-nummer 1- 2006

Een versie met referenties is te vinden op: www.soaaidsmagazine.nl