dr. Hamerlinck, praktijk voor de donkere huid, dermatoloog, veneroloog

Etnische dermatologie
Huidziekten
Cultuur
Geslachtsziekten
Allergie
Proefschrift

Dr. Hamerlinck Foundation
dr. F.F.V. Hamerlinck, praktijk voor de donkere huid, dermatoloog, veneroloog
dr. Hamerlinck, praktijk voor de donkere huid, dermatoloog
Dr. F.F.V. Hamerlinck, dermatoloog, veneroloog
dr. Hamerlinck, praktijk voor de donkere huid
Interculturele communicatie
Het boze oog, lepra en Kouwru dresie
Links:
Waterkant

In Nederland wonen mensen uit vele culturen. Is het voor hen anders om een chronische huidaandoening te hebben? Dermatoloog dr. Fred Hamerlinck weet vanuit zijn praktijk in Amsterdam Zuidoost dat dit inderdaad het geval is. Grace Narain, communicatiedeskundige, onderzocht welke gevolgen dit kan hebben voor de communicatie in de spreekkamer.

"De meeste artsen in Nederland zijn westers georiën­teerd. Maar als Westerse dokter kun je meer dan honderd nationaliteiten en bijbehorende culturen tegenover je krijgen." Dr. Fred Hamerlink spreekt uit ervaring; zijn praktijk is gevestigd in Amsterdam Zuidoost. Hij pleit ervoor dat artsen zich meer in de culturele achtergronden van hun patiënten verdiepen. "Het gaat er enerzijds om hoe deze mensen vanuit hun cultuur zelf met hun huidaandoening omgaan. Anderzijds is het ook de vraag hoe je als dokter om gaat met die huidaandoening en met die patiënt en zijn cultuur. Hier kan een conflict ontstaan. Want wat de dokter raadzaam acht, bezien vanuit de medische en westerse wereld, blijkt nogal eens lijnrecht te staan tegenover de opvattingen van de patiënt."

Het bos in vluchten: Witte plekjes? Het zal toch geen lepra zijn!  
Hoewel Hamerlinck ervan overtuigd is dat een chronische huidaandoening voor iedereen vervelend is, denkt hij dat een huidaandoening in sommige culturen zwaarder weegt dan in de westerse cultuur. "Veel mensen met een huidaandoening schamen zich voor hun huid. Bij veel oosterse en Afrikaanse culturen speelt daarbij nog de letterlijk levensgrote angst voor lepra.
In Congo, bijvoorbeeld, trekken mensen die denken dat ze lepra hebben, zich meteen terug in het bos. Ze schamen zich en ze weten dat ze toch verstoten worden. Mensen die in mijn praktijk komen met lichte vlekjes op hun huid, zijn vooral bang dat dit de eerste tekenen zijn van lepra. Dat zullen ze overigens niet zeggen, hoor, want ze zijn te bang en praten er liever niet over. Als je dit als huidarts niet weet, krijgen deze mensen geen antwoord op hun niet gestelde, maar wel zeer belangrijke vraag. Ze blijven dan in onzekerheid en ze kunnen zeer wantrouwend zijn ten opzichte van de gestelde diagnose en behandeling."
Nog een voorbeeld: acne. "Over het algemeen is acne goed te behandelen. Maar de acne laat wel sporen na. Als ik een jonge patiënte heb met een gepigmenteerde huid en acne, dan denk ik na behandeling: de huid is goed opgeknapt want de puistjes zijn verdwenen. Dat meisje echter ervaart het alsof het ene probleem is vervangen door het andere. Daar waar de pukkeltjes zaten, zitten nu namelijk donkere plekjes. Dat gebeurt bij elke huid die beschadigd is (postinflammatoire hyperpigmentatie = het donkerder kleuren van de huid na een ontsteking), maar bij een gepigmenteerde huid kleurt de huid relatief veel donkerder doordat er meer pigment aanwezig is. En die plekjes zijn voor haar even ontsierend als die pukkeltjes."

Zieken zijn minder
Grace Narain is het met Hamerlinck eens dat het hebben van een huidaandoening in sommige andere culturen erger is dan in onze cultuur. Ze is Nederlandse van Surinaamse afkomst (creools en Hindoestaans) en heeft zelf eczeem. "Het hebben van een huidaandoe­ning heeft binnen veel culturen een zeer grote lading.”
Over (huid)ziekten praat je niet.  
Het is onbespeekbaar

Mensen zijn sneller bang dat het besmettelijk zal zijn, dat ze zullen worden verstoten door familie en vrienden, dat hun sociale leven stil komt te liggen en dat ze geen partner zullen vinden. Daar komt bij dat het in veel culturen, zoals de Hindoestaanse cultuur, helemaal niet bespreekbaar is. Je praat niet over dit soort zaken. Daardoor houden mensen bij voorbaat al afstand, want je weet maar nooit wat er aan de hand zou kunnen zijn. Navraag doen naar wat iemand heeft, gebeurt vrijwel niet. Dat maakt het extra moeilijk om ermee om te gaan." Hamerlinck vult aan: "Misschien dat niet iedere Nederlander het als zodanig ervaart, maar in de westerse cultuur is het toch meer gewoon dat je helpt wanneer iemand ziek is. In veel niet-westerse culturen betekent het hebben van een ziekte meteen dat je als persoon 'minder' bent. Dat brengt weer met zich mee dat mensen hun huidaandoening verborgen willen houden voor anderen en zich helemaal uit het openbare leven terugtrekken."

De huid functioneert anders
Een deel van de huidproblemen van mensen met een gekleurde huid komt voort uit het feit dat die huid is aangepast aan een ander klimaat dan het Hollandse. "Als het warm is, zweten mensen met een blanke huid. Mensen met een gepigmenteerde huid verliezen het vocht veel meer rechtsreeks door de huid. Dat is hun aanpassing aan een warm en vochtig klimaat. Veel Chinese mensen, bijvoorbeeld, hebben vooral zweet­klieren op de neus en op hun borst. Maar de vochtig­heidsgraad van de lucht is in Nederland veel lager, waardoor de huid van deze mensen zeer droog wordt. Voor een blanke huid gebruiken we vaak vaseline en dergelijke producten om een droge huid te verzorgen. Maar deze producten sluiten de huid af, waardoor het vocht dat door de huid komt, niet kan verdampen. Ik raad daarom aan producten te gebruiken die vocht opnemen en aan de buitenlucht afgeven, terwijl ze tegelijkertijd de droge huid verzorgen. Het vet van de potvis is hiervoor erg geschikt. Dat gebruikten we vroeger veel in de dermatologie. Nu de potvis een beschermde diersoort is, is er een kunstmatig alternatief: cetaceum."

Voeding: weglaten of toevoegen
Eten en drinken zijn voor iedereen belangrijk, maar voedsel is vaak meer dan brandstof voor het lichaam. Denk maar aan het onrein zijn van varkensvlees in islamitische culturen en het heilig zijn van de koe in India. Veel mensen met een huidaandoening vragen zich af of ze iets verkeerd gegeten hebben. Hamerlinck:
"Westerse artsen denken dan meteen aan een voedsel­allergie. Dat is met een test na te gaan. Maar voor de betrokken persoon gaat het verder dan een mogelijke allergie volgens de definitie zoals wij die kennen. Als iemand met psoriasis hier binnenkomt, dan weet ik dat het niet aan de voeding ligt. Maar toch verwacht de persoon in kwestie dat ik aan het onderwerp 'voeding' aandacht besteed."
In veel culturen is het ook gewoon om iets aan de voeding toe te voegen om een ziekte te bestrijden. Chinezen kennen allerlei kruidenmengsels en aftreksels van dieren die het uit evenwicht gebrachte lichaam weer in balans moeten brengen. Grace voegt toe:
"Suriname is rijk aan rassen en culturen, en mensen maken gebruik van medicijnmannen en -vrouwen en van elkaars traditionele kennis en toepassing van medicijnen. Zo gebruiken veel Surinamers het kruiden­drankje 'kouwru dresie'. Dit betekent 'koud medicijn' of 'koude genezing' en het reinigt je van binnen. De achterliggende gedachte is, dat er iets in je bloed zit wat eruit moet en de kruiden moeten daar voor zorgen." Hamerlinck haakt hierop in: "Dat is dan meteen een brug naar de volgende stap: als het niet aan de voeding ligt, dan moet het wel in het bloed zitten. En dus willen veel mensen een bloedonderzoek. Wij weten dat het nutteloos is en willen daar geen geld aan besteden, maar vanuit het oogpunt van veel patiënten is zo'n onderzoek gewoon nodig."

Magisch denken
In veel culturen hangt er een mystieke sfeer rondom ziekten. "Het kan zijn dat patiënten pas bij mij komen als ze hun traditionele methoden al hebben uitgeprobeerd", vertelt Hamerlinck. "Het kan dan ook zijn dat ze mij als een 'medicijnman' zien. Ook weet ik dat mensen soms naast of in plaats van mijn behandeling, naar hun land van herkomst gaan om daar een traditioneel genezer te zien. Ik keur dit niet af, want de eigen cultuur is en blijft belangrijk. We hebben het over het algemeen niet over levensbedreigende situaties, dus dan wil ik me er niet teveel in mengen."
Een ander voorbeeld van magisch denken is 'het boze oog'. "Sommige culturen, bijvoorbeeld de Surinaamse creoolse en Hindoestaanse cultuur, kennen 'het boze oog'. Dan kan het gebeuren dat een moeder met een baby in de kinderwagen over straat gaat en dat iemand naar het kindje kijkt waarvan de moeder vindt dat deze persoon het boze oog heeft. Dan zet ze het kind thuis in een badje met blauwsel (het product dat gebruikt wordt om witte was wit te houden). Blauwsel bestaat echter uit kobaltzouten en sommige kinderen reageren daarop met een huidreactie. Dan komt de moeder met een kindje met rode en jeukende benen en billen. Je ziet precies tot waar het water in het badje stond. Maar voor de moeder is die uitslag het bewijs dat het kind inderdaad aan het boze oog is blootgesteld."

Schoon op je lichaam
In veel culturen is het gewoon om minimaal twee keer per dag onder de douche te gaan. Het wassen van handen en voeten voor het gebed is ook een voorbeeld van schoon zijn op je lichaam. Hamerlinck kan zich voorstellen dat een huidaandoening het beeld geeft dat iemand niet rein zou zijn. "Mensen vragen me wel: 'Ik douche me twee keer per dag. Met heet water, veel zeep en een borstel. Hoe kan het dat ik deze huid heb?' Als je dan iemand met eczeem voor je hebt, is het moeilijk om uit te leggen dat hij zijn huidaandoening verergert en anders met zijn huid om moet gaan. In de ogen van de betrokkene vraag ik hem onrein te zijn." En zo zijn er nog veel meer voorbeelden te geven over hoe cultuurverschillen in de spreekkamer kunnen leiden tot misverstanden.

Uit: Huid, Magazine over huid en huidaandoeningen, jaargang 10, uitgave 1, 2006

Jit Narain
Dichter en huisarts, werd in 1948 in Suriname geboren. Hij studeerde geneeskunde in Nederland. Hij keerde terug naar Suriname in 1991 alwaar hij zijn werk als dichter en huisarts voortzet.

René Tosari werd in 1948 in Suriname geboren.
Hij volgde een opleiding aan het Nationale Instituut voor Kunst & Cultuur in Paramaribo en aan de Academie voor Beeldende Kunsten in Rotterdam.

Johan Misiedjan is geboren in 1970 in Paramaribo, Suriname. Op veertienjarige leeftijd begon hij met muziek maken, waarbij hij zich aangetrokken voelde tot de basgitaar Het unieke van zijn muziek is dat de teksten in het Aucaans, een Surinaamse taal, zijn. Het Aucaans is tevens de moedertaal van Johan.
Interculturelecommunicatie